Anders werkt beter stimuleert kopiëren van elkaar
Samen met zorgprofessionals het werk slimmer organiseren, voor meer efficiëntie en werkgeluk. Dat is het motto van het landelijke programma Anders werkt beter: zeven coproducties van een academisch ziekenhuis met een andere zorginstelling. Namens de NVZ zit Albert-Jan Mante in de stuurgroep. “Als zorginstellingen kunnen we de succesvolle projecten straks met trots van elkaar overnemen.”
In het dagelijks leven is Albert-Jan Mante lid van de raad van bestuur van het Bravis ziekenhuis. Daarnaast is hij lid van de NVZ-bestuursadviescommissie Arbeid en vanuit die rol zit hij in de stuurgroep van Anders werkt beter, een vierjarig programma (`25 t/m `28) met financiering vanuit het Citrienfonds. “Het programmateam doet het echte werk”, benadrukt hij direct: “De stuurgroep is er voor de grote lijnen, wij zijn bijvoorbeeld betrokken bij de monitoring van de werking van het programma als geheel.”
De zeven projecten binnen Anders werkt beter streven allemaal dezelfde twee hoofddoelen na: het werk leuker maker en de efficiëntie vergroten. De achterliggende gedachte daarbij is tweeledig, legt Mante uit: “Aan de ene kant natuurlijk dat medewerkers behouden blijven voor de sector en aan de andere kant dat de externe aantrekkingskracht om in de sector te gaan werken groeit.”
Met trots overnemen
Deze doelen zijn niet per se uniek, er zijn tal van projecten en programma’s die zich hierop richten, maar de manier waarop Anders werkt beter naar de doelen toewerkt is dat volgens Mante wel: “Bijzonder is dat bij elk van de zeven projecten niet alleen een academisch ziekenhuis betrokken is, maar ook een andere zorginstelling. Bij vijf van de zeven is dat een NVZ-ziekenhuis. Dat de zeven interventies vanaf het begin af aan een samenwerkingsproject zijn, vergroot de kans dat ze bij bewezen succes opgeschaald gaan worden.”
“Binnen Anders werkt beter stimuleren we dat ziekenhuizen kopiëren van elkaar”, vervolgt Mante. Dat gebeurt naar zijn mening te weinig in de zorg: “Door de eilandjescultuur en de concurrentgevoelens die er vanuit het marktwerkingsdogma hier en daar nog heersen. Binnen Anders werkt beter werkt het schaarse personeel, waar we nu eenmaal mee te maken hebben, aan zeven verschillende typen projecten, die zorginstellingen straks met trots van elkaar over kunnen nemen.”
Van robots tot naasten
De doelen en de werkwijze van Anders werkt beter sluiten vrijwel een-op-een aan bij de strategische visie 2030 van de NVZ. “In de strategische visie gaat het bijvoorbeeld over technologie als katalysator voor werkplezier en innovatie, de zorg slim organiseren en de arbeidsmarkt van de toekomst. Aan al die doelen werken we met dit programma volop. Een van de projecten richt zich op minder registratietijd, een ander op de samenwerking met naasten, weer een ander op de inzet van robots bij intern transport.”
Mante is onder de indruk van de gesprekken die hij de afgelopen tijd voerde met de verschillende projectleiders: “Het zijn enthousiaste mensen die heel graag een bijdrage willen leveren aan de doelen van het programma. Ze zetten mooie stappen.” De projecten zitten overwegend nog wel echt in de beginfase, merkt Mante: “Ze zijn nog aan het afbakenen wat er wel en niet bij de interventie hoort en ook wie precies de te betrekken stakeholders zijn.”
Op basis van de feiten
Een van de projecten gaat over de inzet van AI bij no-show. Met behulp van een lerend algoritme kan steeds beter voorspeld worden op welke momenten welke patiënten niet op komen dagen. Dat gebeurt op basis van afspraakkarakteristieken, zoals het tijdstip en de duur van de afspraak, en of het een eerste afspraak betreft of een vervolgafspraak. Mante stelt met klem dat het om een zo objectief mogelijk model gaat.
Tegelijkertijd vindt hij dat er ook aandacht moet zijn voor verschillen tussen patiëntgroepen: “Bijvoorbeeld bij ouderen of mensen met een bepaalde achtergrond, daar is de no-show misschien groter. Daar moeten we onze ogen niet voor sluiten. Maar enkel op basis van de feiten, niet op basis van sentimenten.” Het no-show AI-model draait in de huidige vorm al met succes in het UMC Utrecht en wordt de komende tijd uitgerold naar het Diakonessenhuis Utrecht.
Invloed van zorgprofessionals
Vervolgens komt Mante terecht bij een andere factor die in deze eerste fase aandacht krijgt: de verschillende belangen die spelen. “Die moet je goed boven tafel hebben, anders kun je geen goed gesprek voeren.” Zeker als belangen tegenstrijdig zijn, zoals dat bij een heel laag no-show percentage aan de hand kan zijn. Dan staat het efficiëntiebelang tegenover het belang van het werkplezier. “Als de no-show nagenoeg nul wordt, dan neemt het werkplezier af doordat de “verloren” momenten niet meer gebruikt kunnen worden voor wat extra aandacht voor een patiënt, onderlinge afstemming of een beker koffie.”
Vanwege dit belang van het vergroten van het werkplezier – niet voor niets een van de hoofddoelen van Anders werkt beter – beschouwt Mante het programma uiteindelijk pas als geslaagd als blijkt dat de zorgprofessionals zelf voldoende betrokken zijn geweest. “We willen dat zij echt inhoudelijk invloed uit kunnen oefenen. Het zijn geen projecten die vanuit de ondersteunende staf gedropt worden. Meer zeggenschap voor de zorgprofessionals draagt immers ook bij aan hun gevoel van trots.”
Oogsten
Mante verwacht dat de interventies straks aantoonbaar meer werkplezier opleveren voor zorgprofessionals en dat de efficiëntie daadwerkelijk verbeterd is. “Medio 2028 kunnen we hopelijk oogsten. In de zin dat de no-show percentages op het beoogde niveau zitten bijvoorbeeld, en dat verpleegkundigen zich dankzij logistieke robots, naastenparticipatie en minder registratietijd beter op hun kerntaken kunnen richten. En natuurlijk oogsten in de zin van opschalen.”
Project Duurzame inzet van medici in diensturen – UMCG & Martini Ziekenhuis |
| “Wij willen onze avond-, nacht- en weekenddiensten voor artsen fundamenteel herstructureren. Het doel is om minder artsen in de nacht nodig te hebben, door over de ziekenhuismuren heen samen te werken, taken te herschikken en waar mogelijk generalistischer te werken. Minder nachtwerk betekent minder gezondheidsrisico”s voor de artsen, de kwaliteit van het opleiden neemt toe en we gaan dan efficiënter om met schaarse capaciteit. Zelf ervaar en zie ik van dichtbij hoe belastend avond- en nachtdiensten kunnen zijn, maar het is complex om te veranderen. Als generalist aan de poort tijdens de nachtdienst zie ik echter wel kansen. Dat we dit samen met het UMCG oppakken, biedt extra perspectief en ruimte voor innovatieve oplossingen.” |
| Renske Barnhard, SEH-arts in het Martini Ziekenhuis, vertegenwoordiger van de medisch specialisten in dit project. |
Project Samen sterker door naastenparticipatie – Amsterdam UMC (locatie AMC) & OLVG |
| “Samen Sterker draait om de inzet van naasten bij de zorg voor de patiënt. Bijvoorbeeld doordat de naaste meer aanwezig is bij de visite, helpt met eten of mobiliseren en eventueel zorghandelingen uitvoert. Daarnaast gaan we naasten zorghandelingen voor thuis aanleren. We onderzoeken of inzet van naasten tijd bespaart voor verpleegkundigen en artsen, of de tevredenheid over de samenwerking met naasten toeneemt en of het leidt tot minder inzet van thuiszorg. Ik merk in mijn werk dat naasten graag willen bijdragen, maar we benutten dat nu niet structureel en niet eenduidig. Daarom vind ik Samen sterker een belangrijk en kansrijk project.” |
| Florian van Hunnik, verpleegkundige/projectleider van dit project. |
Project Jij zorgt, AI noteert – LUMC & HagaZiekenhuis |
| “In de beide ziekenhuizen onderzoeken we hoe we AI kunnen inzetten om het intakegesprek van de verpleegkundige met de patiënt automatisch en gestructureerd vast te leggen in het elektronisch patiëntendossier. We hopen natuurlijk dat dit de administratiedruk van de verpleegkundige verlaagt, zodat de zorgprofessional meer tijd heeft voor de patiënt. Dit is een nieuwe stap in de samenwerking tussen een topklinisch ziekenhuis als het HagaZiekenhuis en het academische LUMC. Dat we binnen het verpleegkundig domein samen onderzoek doen en de ervaringen op beide plekken kunnen bundelen, zodat we daarmee direct de zorgpraktijk kunnen veranderen, maakt dit een bijzonder project.” |
| Roeline de Beaufort, domeinmanager HagaAcademie/namens HagaZiekenhuis verantwoordelijk voor dit project. |
Blijf op de hoogte van Anders werkt beter
Tijdens de looptijd van het programma worden de zeven projecten gevolgd en delen ze regelmatig de inzichten die ze opdoen. Bijvoorbeeld tijdens het Kennisfestival op 19 juni in Deventer: een inspirerende dag vol workshops, praktijkvoorbeelden en ontmoetingen. En natuurlijk via LinkedIn en de nieuwsbrieven.