Tijdlijn ontwikkelingen in zorg en samenleving

2012 - Verpleegkundigen & Verzorgenden 2020 (V&V2020)

Onder leiding van prof dr. P. Meurs kwam in 2012 het advies uit om twee niveaus van beroepsuitoefening voor de verpleegkundige beroepsgroep in te voeren. De verpleegkundige en de verpleegkundig specialist. Daarnaast  adviseerde zij tot twee niveaus op het terrein van verpleging/verzorging: de zorgkundige en de verzorgende/helpende. Dit advies is niet aangenomen door de minister, maar fungeerde wel als input voor de commissie Terpstra (2016).
 

2015 - Commissie Kaljouw

Veranderde zorgvraag: wat is er nodig in 2030?
  • Complexere zorgvraag (leeftijd, multi-morbiditeit)
  • Centralisatie van hoogtechnologisch complexe zorg in ziekenhuizen
  • Meer chronisch, psychisch en psychosociale problemen
  • Belang ketenzorg (intersectoraal/ multidisciplinair)
 
Veranderde visie op gezondheid: functioneren als vertrekpunt
 
Huber definieert Gezondheid als: “Het vermogen zich aan te passen en een eigen regie te voeren, in het licht van de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven”. Dat betekent dat het er in de zorg steeds meer gaat om de zorgvrager te ondersteunen bij zijn zelfmanagement. Veerkracht en eigen regie staan centraal. Dus niet meer “zorgen voor” maar “zorgen dat”. Dat vraagt een andere mix van kennis, vaardigheden, competenties en gedrag en stelt andere eisen aan het profiel van de verpleegkundige van de toekomst. 
 

2016 - Commissie Kervezee

Anders kijken, anders leren, anders doen
 
Wat betekent beter aansluiten op eigen regie/ functionaliteit en tegelijkertijd betaalbaarheid voor:
 
Burgers? Professionals? Leren en opleiden? Toekomstige ontwikkelingen in de zorg vragen om professionaliteit wat zich kenmerkt door een samenhang tussen: 
  • Vakbekwaamheid (leren in ketens)
  • Samenwerkend vermogen (interdisciplinair opleiden)
  • Lerend vermogen (leven lang leren, informeel leren op de werkvloer)
Het rapport beschrijft 8 hoofdlijnen:
  • Functioneren, veerkracht en eigen regie van burgers staan centraal
  • Burgers ontwikkelen van jongs af aan leer- en gezondheidsvaardigheden
  • Functioneren, veerkracht en eigen regie als rode draad door leertrajecten
  • De praktijk in het onderwijs en onderwijs in de praktijk
  • Consistente en op elkaar aansluitende leertrajecten in een continuüm
  • Permanent leren in teams, organisaties en netwerken
  • Leven, leren en werken met technologie
  • Onderzoek, onderwijs, praktijk en beleid verbinden
 

2016 - Toekomstbestendige beroepen in de verpleging en verzorging (Terpstra I)

Stuurgroep onder leiding van D. Terpstra komt in januari 2016 met een advies waarin er in aanvulling op het beroep verzorgende, de beroepsprofielen van basisverpleegkundige (NLQF niveau 4) c.q. regieverpleegkundige (NLQF niveau 6) zijn opgenomen voor respectievelijk de mbo- en hbo-verpleegkundige. Het profiel van de hbo-verpleegkundige is verzwaard: zij kan scherp analyseren en haar kennis en kunde aan het bed inzetten. Ook is zij regisseur van het zorgproces. De mbo-verpleegkundige blijft zelfstandig bepaalde voorbehouden handelingen uitvoeren en werkt vooral in situaties met een planbare en voorspelbare zorgvraag.
 

Vanaf 2017 - Vervolgaanpak Toekomstbestendige beroepen in de verpleging en verzorging (Terpstra II)

Formatie van regiegroep eind 2016 die zich buigt over een aantal thema’s die uitgewerkt zullen worden door verschillende projectteams:
  • Overgangsregeling zittende groep verpleegkundigen (herregistratie)
  • Arbeidsmarktonderzoek 
  • Afstemming functieprofielen en HR beleid
  • Afstemming opleidingsprofielen (hogescholen en ROC’s)
  • Uitwerken zelfstandige bevoegdheden (advies eind 2016 naar minister)
In de regiegroep zitten vertegenwoordigers van Brancheorganisatie Zorg, NU’91, FNV, MBO-Raad, LOOV, V&VN en CNO.