BoZ-partijen: BIG II moet dagelijkse zorgpraktijk als vertrekpunt nemen

13-02-2018

Vragen?

Liesbeth van der Heijden
Senior communicatieadviseur

Blijf op de hoogte

Hbo- en mbo-opgeleide verpleegkundigen moeten van begin af aan goed gepositioneerd worden qua inhoud en niveau. Maak meteen duidelijk wat het onderscheid is tussen de mbo- en de hbo-verpleegkundige en aan welke eisen beide groepen moeten voldoen. Dat schrijven de werkgeversorganisaties in de zorg, verenigd in de BoZ, als reactie op het wetsvoorstel BIG II. De NVZ maakt onderdeel uit van de BoZ.

BIG II

In de toekomst kan een duidelijker onderscheid gemaakt worden tussen mbo- en hbo-opgeleide verpleegkundigen. Deze ontwikkeling is van groot belang gezien de te verwachten ontwikkelingen in de zorg en op de arbeidsmarkt. BIG II stelt wijzigingen voor op de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg. Het gaat daarbij onder meer om invoering van het beroep van regieverpleegkundige in de Wet BIG, actualisatie van het deskundigheidsgebied van de verpleegkundige, en uitbreiding van de eisen tot herregistratie. Het ministerie van VWS startte in december vorig jaar een internetconsultatie waarbij belanghebbenden op het wetsvoorstel konden reageren. Ook de BoZ heeft van die mogelijkheid gebruikgemaakt. De internetconsulatie loopt nog tot 18 februari.
 

Aanvullende scholing

In het wetsvoorstel staat ook dat mbo- en inservice-opgeleide verpleegkundigen zich moeten kunnen registreren als regieverpleegkundige. Het gaat dan om verpleegkundigen met aanvullende gecertificeerde scholing, waarvan het niveau en inhoud gelijk staat aan een hbo-opleiding tot verpleegkundige (NLQF-6). De BoZ-partijen benadrukken dat zowel niveau als inhoud gelijk moeten staan aan een hbo-opleiding tot verpleegkundige. 'Een diploma van bijvoorbeeld een CZO-opleiding kan wel op NLQF-6 niveau zijn, maar omvat slechts een deel van de volledige brede hbo- opleiding tot verpleegkundige', schrijf de BoZ in haar reactie. Ze vindt wel dat deze groep met verkorte hbo-v-trajecten versneld het hbo-diploma moet kunnen behalen.
 

Urennorm

De BoZ-partijen zijn evenmin voorstander van een strikte naleving van de urennorm, zoals die in het wetsvoorstel staat. Het uitgangspunt is een minimum aantal uren deskundigheidsbevordering van 100 uur in 5 jaar. Dat gaat niet alleen extra administratieve lasten opleveren, maar leidt ook tot te veel nadruk op de kwantiteit van de scholing. Terwijl zorgorganisaties juist de kwaliteit van de deskundigheid van professionals willen kunnen waarborgen. 'Werkplekleren, bij- en nascholing, vormen van intervisie, leren dat aansluit bij de ontwikkelwensen van de individuele beroepsbeoefenaar én die aansluiten bij zijn/haar werkzaamheden, zorgen samen voor deskundige beroepsbeoefenaren', betogen de BoZ-partijen.
 

Zelf beoordelen

De BoZ-partijen vragen om goede communicatie naar verpleegkundigen over het belang van de BIG-registratie en hun eigen verantwoordelijkheid daarin. De BIG biedt de patiënt immers informatie, vertrouwen in zorgprofessionals en bescherming tegen ondeskundig handelen. De BoZ wil dan ook dat er voor regieverpleegkundigen een “self assessment” beschikbaar komt en een facultatief opleidingsprogramma dat aansluit op het beroepsprofiel van de regieverpleegkundige.