De begroting 2012 voor curatieve zorg is op hoofdlijnen ongewijzigd. Minister Schippers van Volksgezondheid kreeg in het twee dagen durende debat met de Tweede Kamer steun voor haar beleid.
De oppositie diende diverse moties in, onder meer om bezuinigingen in de ggz en de huisartsenzorg ongedaan te maken en om meer preventiemaatregelen te nemen, maar die hebben geen meerderheid behaald.
Macrobeheersingsinstrument
In het debat kreeg de ziekenhuisbranche relatief weinig aandacht.
Dat kwam in de eerste plaats doordat Schippers al in het voorjaar
haar plannen voor prestatiebekostiging (naar 70% vrije prijzen,
invoering DOT-systeem, afschaffing risicocompensaties voor
verzekeraars) door de Kamer had geloodst. Daarnaast is er
binnenkort een algemeen overleg over het bestuurlijk
hoofdlijnenakkoord, waarbij onder meer het
macrobeheersingsinstrument aan de orde zal komen.
Pia Dijkstra (D66) en Eeke van der Veen (PvdA) stelden de minister tijdens het begrotingsdebat wel al de vraag waarom ze het alternatief van ziekenhuizen en zorgverzekeraars voor dit instrument niet serieus heeft bekeken. Schippers kwam voorlopig weg met het antwoord dat ze het alternatief weliswaar 'zeer sympathiek' vindt, maar dat introductie op zijn vroegst in 2013 aan de orde kan zijn.
No show
Anne Mulder (VVD) diende een motie in om no-shows in ziekenhuizen
terug te dringen. Tussen de zeven en tien procent van de gemaakte
afspraken worden niet nagekomen, waardoor onnodige kosten worden
gemaakt waar andere premiebetalers voor opdraaien, betoogde de
liberaal.
Hij wil dat de minister onderzoekt wat de omvang van de kosten is, welke maatregelen al genomen zijn om no-shows te reduceren en welke nieuwe maatregelen mogelijk zijn. De motie werd door de Kamer aangenomen, ofschoon minister Schippers Mulder had gevraagd deze aan te houden: ze wil eerst in gesprek met de ziekenhuizen over de haalbaarheid van het idee.
Ketenzorg
Verder nam de Kamer een motie aan van Pia Dijkstra en Esmé Wiegman
(ChristenUnie) over ketenzorg. In de motie wordt de regering
opgeroepen om uitwisseling van goede voorbeelden van ketenzorg te
bevorderen, en te onderzoeken op welke wijze ketenzorg voor
chronisch zieke patiënten integraal kan worden gefinancierd, zodat
ook medisch-specialistische zorg daar deel van uitmaakt.
Schippers had de motie ontraden: ze gaf aan dat er al veel gebeurt op het gebied van ketenzorg, dat medisch-specialistische zorg daarvan al onderdeel vormt en dat ze niet zit te wachten op extra onderzoek.
Uitkomstfinanciering
CDA-Kamerlid Margreeth Smilde stelde tijdens het debat dat
prestatiebekostiging een tussenstap is, en dat uitkomstfinanciering
het eindperspectief moet zijn. Ze bepleitte een 'breed gedeelde
en breed gedragen visie wat goede zorg is, met indicatoren die de
daadwerkelijke medische resultaten van de geleverde zorg
meten'. Uiterlijk in 2020 moet uitkomstfinanciering
gerealiseerd zijn.
Minister Schippers gaf aan het helemaal met Smilde eens te zijn en haar motie als ondersteuning van haar beleid te beschouwen. De motie kreeg een meerderheid.
Epd
Daags voor het debat werd bekend dat de doorstart
van het elektronisch patiëntendossier (epd) aan een zijden draadje
hangt, omdat het landelijk schakelpunt per 1 januari ophoudt te
bestaan. VVD'er Mulder diende mede namens Attje Kuiken (PvdA)
en Pieter Omtzigt (CDA) een motie in waarin Schippers wordt
gevraagd te bevorderen dat het epd alsnog van de grond komt, door
de betrokken organisaties hiertoe te stimuleren. Ook deze motie
werd door een Kamermeerderheid gesteund.
Fusies
De Kamer nam enkele weken terug een motie aan waarin de minister
werd opgeroepen een moratorium voor zorgfusies in te stellen.
Schippers had de Kamer daarop laten weten dat ze hiertoe geen
formele bevoegdheid heeft. Daarom kwam Renske Leijten (SP) tijdens
de begrotingsbehandeling met een nieuwe motie: zij verzocht de
minister haar gezag aan te wenden om betrokken partijen op te
roepen tot een fusiestop.
Schippers ontried de motie (die geen meerderheid kreeg), maar gaf aan dat ze wel bereid is de zorg 'te wijzen op de gevoelens van de Kamer' en te vragen bij fusieplannen alvast rekening te houden met de ophanden zijnde wetgeving op dit gebied.