Direct naar hoofdmenu / zoekveld
Home / NVZ Nieuws / Nieuwsberichten / Juli - december 2011 / Kwaliteitsinstituut maakt onderscheid tussen cure en care

Kwaliteitsinstituut maakt onderscheid tussen cure en care

Het nationaal Kwaliteitsinstituut voor de zorg, dat in 2013 operationeel wordt, gaat een gedifferentieerde aanpak voor de cure en de care hanteren. Dat zei minister Schippers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in een overleg met de Tweede Kamer.

 

Met deze gedifferentieerde aanpak beantwoordt ze aan de wens van de Kamer, die in het debat de grote verschillen tussen de sectoren benadrukte op het gebied van kwaliteit en kwaliteitsindicatoren. Het nieuwe instituut krijgt adviescommissies (zowel voor cure als care) met deskundigen vanuit de branches en van patiëntenorganisaties.

 

Verantwoordelijkheid bij veld
In de brief waarin ze de plannen voor het Kwaliteitsinstituut ontvouwt, geeft Schippers aan dat veldpartijen (zorgaanbieders en professionals) verantwoordelijk zijn en blijven voor de kwaliteit. In het debat beklemtoonde ze dat uitgangspunt: ‘De verantwoordelijkheid ligt bij private partijen, maar met het Kwaliteitsinstituut geven we het publiek een duwtje in de rug.’

 

Doorzettingsmacht
Het nieuwe instituut krijgt ‘doorzettingsmacht’; een term die in het Kamerdebat vragen opriep. Tot wanneer is het veld zelf aan zet en wanneer grijpt het Kwaliteitsinstituut in? De minister gaf hier geen concreet antwoord op; ze verwees naar het werkplan dat het instituut jaarlijks gaat maken en dat in de Kamer zal worden besproken. In algemene zin zal het Kwaliteitsinstituut van zijn doorzettingsbevoegdheid gebruikmaken bij te lang uitblijven van richtlijnen. In dat geval zal het instituut een beroep doen op experts uit het veld, aldus Schippers.
 
Veelheid aan doelen
Het Kwaliteitsinstituut zal opgaan in het College voor zorgverzekeringen (CVZ), dat een nieuwe naam krijgt. De nieuwe organisatie gaat zich bezighouden met verschillende ‘innovatieve processen’, zoals de minister het noemde: opleiding en taakherschikking, pakketbeheer, kwaliteitszorg en zorgverzekeringen.

 

Verschillende Kamerleden zetten vraagtekens bij deze opeenstapeling van doelen. Ook spraken ze zorg uit over bureaucratie, regeldruk en afvinklijstjes. Schippers hield de Kamer voor dat er een lean and mean instituut komt, met een beperkte staf. ‘Het Kwaliteitsinstituut moet de bureaucratie juist terugdringen. Het gaat mij niet om véél indicatoren, ik wil focussen op onderscheidende indicatoren die aansluiten bij het primaire proces in de zorg. Kosten en doelmatigheid zijn daarbij belangrijke elementen’.

 

Wettelijke publicatieplicht
Onder druk van met name Eelke van der Veen (PvdA) zegde de minister toe dat zorginstellingen wettelijk verplicht worden om bekend te maken hoe zij scoren op verschillende kwaliteitsindicatoren. Het is de vraag wat de meerwaarde is van deze verplichting: ook nu al hebben instellingen een publicatieplicht op het gebied van kwaliteit, namelijk in het Jaardocument Maatschappelijke Verantwoording.

 

Vervolg
In december stuurt de minister een brief naar de Kamer waarin het traject naar 2013 wordt beschreven. Daarin besteedt ze ook aandacht aan verantwoordelijkheden in de overgangsperiode. Begin 2012 wordt de wet die het Kwaliteitsinstituut mogelijk zal maken aan het parlement voorgelegd.

Mijn NVZ





Uitgelicht


Zoeken
Uitgebreid zoeken