Op 1 juli 2007 is de nieuwe Geneesmiddelenwet in werking getreden. De Wet op de geneesmiddelenvoorziening (WOG) en alle lagere regelgeving zijn daarmee komen te vervallen. De Geneesmiddelenwet vereenvoudigt de geneesmiddelenvoorziening.Hoofdpunten van de Geneesmiddelenwet zijn:
- De Geneesmiddelenwet is een productwet en regelt veel minder dan voorheen de manier waarop de apotheker zijn beroep uitoefent
- Met de wet worden EU-richtlijnen geïmplementeerd, geactualiseerd en vereenvoudigd
- Opname van de apotheker in de Wet Geneeskundige behandelingsovereenkomst
- Het aantal vergunningen en de administratieve belasting nemen af
- De Inspectie voor de Gezondheidszorg krijgt de bevoegdheid om zelf boetes op te leggen, zodat een straf op maat mogelijk is. Nu staat alleen de weg van het strafrecht open en dat is vaak een te zwaar middel.
Bij amendement:
- heeft de Kamer de regel één apotheker per apotheek gehandhaafd
- komen er strengere regels voor het voorschrijven van geneesmiddelen via internet: er mag alleen via internet worden voorgeschreven binnen de bestaande behandelrelatie
- wordt het melden van ernstige bijwerkingen van geneesmiddelen verplicht gesteld voor artsen en apothekers.
In de nieuwe wet worden zelfzorggeneesmiddelen (geneesmiddelen die zonder recept verkrijgbaar zijn) onderverdeeld in drie categorieën: Algemene verkoop, uitsluitend Drogist en Apotheek, Uitsluitend Apotheek. Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) beoordeelt welke geneesmiddelen in welke categorie thuishoren. De voorgenomen indeling heeft minister Klink op 5 april 2007 per brief naar de Tweede Kamer gestuurd. Het wetsvoorstel en bijbehorende kamerstukken zijn te vinden op de website van de Eerste Kamer.
In NVZ Nieuws bent u al op de hoogte gesteld van de voornaamste wijzigingen voor ziekenhuizen (NVZ Nieuws 14 en 22 februari 2007, nr. 7 en 8). De belangrijkste punten zijn nog eens toegelicht in de bijlage bij deze NVZ Nieuws. Het betreft ondermeer het voorschrijven van geneesmiddelen door gespecialiseerde verpleegkundigen, het voorschrijven van geneesmiddelen via internet en een uitbreiding verbod op financiële belangenverstrengeling. Ook is bepaald (art. 68) dat het voorschrijven van geneesmiddelen buiten de geregistreerde indicatie alleen is toegestaan indien daarover binnen de beroepsgroep protocollen of standaarden zijn ontwikkeld. Indien dat nog niet het geval is, is overleg tussen voorschrijver en apotheker noodzakelijk. Deze bepaling is ondermeer van belang bij de discussie over de toepassing van Avastin of Lucentis bij macula degeneratie.
Met het vervallen van artikel 13 oude WOG is het ziekenhuis zelf verantwoordelijk voor de organisatie van de apotheekvoorziening. Materieel verandert hiermee niks. Onveranderd is dat voor magistrale en officinale voorraadbereidingen geen vergunning nodig is. Wel moeten ziekenhuizen voldoen aan de norm die de Inspectie voor de Gezondheidszorg hieraan stelt (richtsnoeren “Good Manufacting Practice Ziekenhuisfarmacie”).