Direct naar hoofdmenu / zoekveld
Home / NVZ Nieuws / Archief / 2010 / Juni / 24 / Visie

Visie

STZ concentreert zich meer op inhoud

Officieel treedt Maarten Rook, bestuursvoorzitter van het St. Antonius Ziekenhuis, pas per 15 december aan als voorzitter van de vereniging Samenwerkende Topklinische opleidingsZiekenhuizen (STZ). Als ‘president elect’ is Rook echter al sinds 1 april als zodanig aan de slag. Hij spreekt dan ook vrijuit over de nieuwe speerpunten van de STZ, maar ook over het Santeonnetwerk waar hij met het St. Antonius Ziekenhuis deel van uitmaakt. 

 

“Het voorzitterschap van de STZ is in principe een baan voor twee dagen per week. Omdat mijn voorganger Leon van Eijk echter al per 1 april wilde stoppen, moesten we voor die tussenliggende periode iets verzinnen. Ik ben daarom nu voorzitter met een beperkte tijdsinvulling. Eind dit jaar ga ik als bestuursvoorzitter van het St. Antonius Ziekenhuis in Nieuwegein/Utrecht met vervroegd pensioen en zal ik het volledige voorzitterschap van de vereniging op mij nemen. Een mooie manier om af te trainen, want bestuursvoorzitter zijn van ziekenhuis is echt topsport; dat vind niet alleen ik, maar dat vindt ook mijn vrouw.” Behalve het voorzitterschap van de STZ zal Maarten Rook na zijn pensionering ook actief blijven als toezichthouder van de Hogeschool Utrecht en wil hij “ook wat vrijwilligerswerk gaan doen”.

 

Speerpunten
Rook zal als STZ-voorzitter andere accenten gaan leggen dan zijn voorganger. “Van Eijk heeft, terecht, veel tijd besteed aan de relatie met de NVZ en andere ziekenhuizen binnen de NVZ, zoals de Samenwerkende Algemene Ziekenhuizen (SAZ). Daar is onder meer uit gekomen dat de STZ nu vier zetels heeft in het bestuur van de NVZ (Tineke Hirschler, Chiel Huffmeijer, Hans van der Schoot en Olof Suttorp) en dat is dus niet iets waar ik nog energie in hoef te steken. Ik zal mij daarom meer op de inhoud gaan concentreren.”

Daarbij doelt Rook onder meer op de topreferente en topklinische zorg die de STZ-ziekenhuizen leveren. “Er zijn een paar ziekenhuizen, waarvoor mensen een straatje omrijden. In plaats van op ziekenhuisniveau kan je ook voor een in discipline gespecialiseerde afdeling omrijden.”

Een ander onderwerp waaraan de nieuwe voorzitter meer aandacht wil gaan besteden, zijn de opleidingen. “Ongeveer de helft van de medisch specialisten en de specialistische verpleegkundigen wordt opgeleid binnen de STZ-ziekenhuizen, de rest op een enkele uitzondering na in de academische ziekenhuizen”, duidt Rook het belang.
Een derde speerpunt in het beleid wordt het verrichten van onderzoek, waarbij het vooral om de relatie met de UMC’s gaat.

 

Moedig
De koers van de STZ zal op sommige punten blijven afwijken van de koers van de NVZ, voorspelt Rook. “Het probleem van de NVZ is vergelijkbaar met dat van de levensmiddelenhandel. Daarin heb je kleine kruideniers, maar ook de Albert Heijn. Neem het onderwerp verloskunde, waarover de laatste tijd veel te doen was. STZ-ziekenhuizen zijn groot genoeg om dat te bieden, voor kleinere ziekenhuizen is dat veel lastiger. Hetzelfde geldt voor level-2-ic’s en level-3-ic’s. Het is soms lastig om dat allemaal te vertalen naar één standpunt. Dat maakt het op sommige onderwerpen dus lastiger om samen op te trekken. Op andere onderwerpen, zoals de cao of de landelijke campagne ‘Het Ziekenhuis Zorgt’, is dat weer geen probleem.”

 

Thee
Het lidmaatschap van de NVZ staat wat de STZ betreft niet ter discussie. Deelbelangen, zoals die van de SAZ (die onder voorzitterschap staat van Binso Wymenga) en die van de STZ, zijn volgens Rook echter een gegeven. “Die polen zijn er nou eenmaal. Ik ben van plan binnenkort eens een kop thee te gaan drinken met Wymenga om te kijken hoe we daarmee om kunnen gaan. Dat zal best lukken, want de STZ bestaat al sinds 1996 en het is altijd gelukt om in NVZ-verband prettig samen te werken.” Is de nieuwe STZ-voorzitter niet bang dat door meerdere lobbygroepen voor ziekenhuizen de branche als geheel juist aan invloed verliest? “Die kans bestaat en dus moeten we heel goed kijken naar de onderwerpen waar het om gaat. Op bepaalde vlakken is het bijvoorbeeld zo dat STZ-ziekenhuizen meer gemeen hebben met academische ziekenhuizen dan met andere ziekenhuizen. Dat hoeft absoluut niet te bijten met het NVZ-belang.”
Rook constateert dat de uitkomst van al die belangen binnen de NVZ gelukkig niet automatisch leidt tot zouteloze compromissen. “Zo wil het NVZ-bestuur in het kader van de brede heroverweging dat de NVZ het initiatief neemt. Dat vind ik moedig! We zullen hoe dan ook zien dat alle ziekenhuizen bezuinigingen over zich heen krijgen. Ik verwacht dat we die allemaal in gelijke mate voor de kiezen krijgen, al zullen er misschien ook terreinen zijn die bepaalde groepen ziekenhuizen in het bijzonder treffen. Zo zouden bezuinigingen op opleidingen bij ons harder aankomen dan bij de meeste andere ziekenhuizen. Maar op zich hoeft dat geen bestuurlijk probleem te zijn.”

 

Netwerken
De vraag is natuurlijk op welke manier politiek Den Haag de ziekenhuiszorg, op een goedkopere manier, wil gaan vormgeven. “Ik kan me voorstellen dat er steeds meer regionale samenwerkingsverbanden komen. Dan kun je bijvoorbeeld een aantal gespecialiseerde vormen van zorg bij een of meerdere grotere gespecialiseerde instellingen leggen, terwijl de iets gewonere behandelingen misschien juist goedkoper kunnen worden uitgevoerd in de wat kleinere ziekenhuizen. Dan rijst natuurlijk wel direct de vraag waar je blijft met je marktwerking. Uiteindelijk zullen we toch eerst de verkiezingen af moeten wachten voordat we weten naar welke kant dat dubbeltje gaat vallen.”

Ook nu vormen ziekenhuizen, zowel regionaal als nationaal, eigen netwerken. Zo vormt het St. Antonius Ziekenhuis, waar Rook bestuursvoorzitter is, samen met vijf andere topklinische ziekenhuizen sinds 2005 een netwerk. Sinds begin dit jaar treedt het netwerk onder de naam Santeon naar buiten. “Wij willen een sterk samenwerkingsverband zijn, geen koepel. Het uitgangspunt is dus volstrekt anders dan bij een belangenbehartiger als STZ of NVZ. Santeon werkt samen op gebieden als, kwaliteit, inkoop en opleiding en wil in de toekomst bijvoorbeeld ook een gezamenlijke ICT-afdeling vormen. Het is meer een keten met een bestuur en veel minder een lobbyorganisatie. De ziekenhuizen van Santeon liggen ver genoeg uiteen, waardoor er geen ongeoorloofde marktconcentratie plaatsvindt, vindt ook de Nationale Mededingingsautoriteit. We mogen het onderling alleen niet over prijzen hebben, dan zouden we voor een andere structuur moeten kiezen. Daar wordt wel over nagedacht.”

 

Santeon
Achtergrond van het samenwerkingsverband is dat de ziekenhuizen graag een gezamenlijke uitstraling willen richting collectieven van patiënten en zorgverzekeraars. Die zorgverzekeraars kunnen een overeenkomst met Santeon sluiten, waardoor zij hun collectieve klanten kunnen garanderen dat zij, onafhankelijk van hun woonplaats, verzekerd zijn van een behandeling die voldoet aan de kwaliteitsnormen van Santeon. Commerciële samenwerking dus. “We willen er klaar voor zijn als buitenlandse investeerders hier hun intrede gaan doen. Die ontwikkeling is elders in Europa al lang bezig. Omdat het stelsel hier wat ondoorzichtiger is, waren buitenlandse investeerders tot nog toe huiverig. Zodra de ziekenhuisfinanciën inzichtelijker worden, komen ze wel. Dat heb je met de trein- en busmaatschappijen ook gezien. Er zit op dit vlak echt beweging in de wereld en daar willen we graag vroeg bij zijn. Vooralsnog gaat het goed, want we zijn nu vijf jaar bezig en hebben in Nederland nog geen vergelijkbaar initiatief.. Overigens staat in dit hele proces één punt centraal: wat is het voordeel voor de patiënt?”

Terug naar de nieuwsbrief

Mijn NVZ





Uitgelicht


Zoeken
Uitgebreid zoeken