Direct naar hoofdmenu / zoekveld
Home / NVZ Nieuws / Archief / 2010 / Augustus / 34 / Nieuwe richtsnoeren over zorggroepen van NMa en NZa

Nieuwe richtsnoeren over zorggroepen van NMa en NZa

De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) hebben onlangs de Richtsnoeren zorggroepen gepubliceerd (zie hiervoor de bijlagen en www.nza.nl en www.nmanet.nl ). Deze richtsnoeren geven het kader aan waarbinnen zorgaanbieders, waaronder ook ziekenhuizen, samenwerkingsafspraken mogen maken. De richtsnoeren zijn tot stand gekomen na een uitgebreide consultatieronde, waarop ook de NVZ via de Brancheorganisaties Zorg (BoZ) heeft gereageerd.

Oprichting zorggroepen

De NMa en NZa constateren een ontwikkeling waarbij - vooral bij chronische aandoeningen - de zorg steeds meer multidisciplinair wordt georganiseerd en als één product wordt aangeboden. Het gaat hierbij om de zorg voor onder meer diabetes, COPD, hartfalen, cardiovasculair risicomanagement (CVR), astma, obesitas en depressie. Zorggroepen worden opgericht om deze multidisciplinaire zorgproducten (ketenzorg) te organiseren en richten zich momenteel vooral op diabeteszorg.

De bestaande zorggroepen zijn veelal opgezet door huisartsen. In veel regio’s zijn huisartsen daarom bestuurder en/of (mede-)eigenaar van de zorggroep. Maar er zijn ook gevallen waarin ziekenhuizen en huisartsenlaboratoria samen met huisartsen, of samen met fysiotherapeuten, een zorggroep hebben opgezet.

 

Coördinerende rol

Een zorggroep neemt volgens de beide toezichthouders een coördinerende rol op zich bij de behandeling van een of meer chronische ziekten en bepaalt op welke manier verschillende aanbieders in een keten samenwerken.

 

Toegestane en verboden samenwerking

In het algemeen geldt dat samenwerkingsafspraken zijn toegestaan als de kwaliteit van zorg voor de patiënt daar beter van wordt. Afspraken die onnodig de onderlinge concurrentie beperken, of kunnen leiden tot misbruik van marktmacht, zijn verboden.
NMa en NZa zijn voorstander van ketenzorg: samenwerkingsvormen tussen verschillende disciplines (multidisciplinaire samenwerking) om de kwaliteit van zorg te verbeteren, zijn dan ook toegestaan. Pas bij ‘verdikking’ van de keten, namelijk wanneer de samenwerking ook plaatsvindt tussen zorgaanbieders binnen dezelfde discipline (monodisciplinaire samenwerking), ontstaan er mogelijk mededingingsbeperkende problemen.

Richtsnoeren bakenen het speelveld af
Iedere samenwerkingsvorm is uniek. De richtsnoeren schrijven niet voor welke organisatievormen mogelijk zijn en welke niet, maar geven het kader aan waarbinnen zorggroepen en de bij ketenzorg betrokken aanbieders afspraken kunnen maken. Zorggroepen en zorgaanbieders houden zelf de vrijheid om te bepalen hoe zij de zorg willen organiseren en hoe ze deze binnen de zorgstandaard willen leveren.

 

Naast mogelijk optreden van de NMa op basis van de Mededingingswet zal de NZa, als dat noodzakelijk is, overwegen om het instrument van aanmerkelijke marktmacht (AMM) in te zetten ten aanzien van individuele zorggroepen. Nadere informatie treft u aan in de q’s en a’s en de richtsnoeren die zijn bijgevoegd.

Informatie: Bert Hermans 030-2739224 of hegm.hermans@nvz-ziekenhuizen.nl

 

 

Mijn NVZ





Uitgelicht


Zoeken
Uitgebreid zoeken