In dit nummer van NVZ Nieuws: Minister heeft oplossing voor dure geneesmiddelen: NVZ ziet duidelijke verbeteringen en zorgpunten, Volume, arbeidsvoorwaarden, mutatie prijsindex materiële kosten: Eerste ramingen 2006 en NVZ steunt campagne ‘Toegang tot zorg voor iedereen’
Inhoudsopgave
Minister heeft oplossing voor dure geneesmiddelen: NVZ ziet duidelijke verbeteringen en zorgpunten
Volume, arbeidsvoorwaarden, mutatie prijsindex materiële kosten: Eerste ramingen 2006
NVZ steunt campagne ‘Toegang tot zorg voor iedereen’
Minister heeft oplossing voor dure geneesmiddelen: NVZ ziet duidelijke verbeteringen en zorgpunten
De minister van VWS heeft onlangs in een brief aan de Tweede
Kamer zijn standpunt over de duregeneesmiddelen-problematiek en
weesgeneesmiddelen verwoord. In januari heeft de Tweede Kamer de
minister om een onderzoek gevraagd naar aanleiding van signalen van
verschillende partijen. In sommige gevallen zouden patiënten om
finan-ciële redenen niet de juiste zorg krijgen. De NVZ en ook
andere betrokken partijen, waaronder patiënten-organisaties en
wetenschappelijke verenigingen van oncologen, hematologen,
reumatologen en gastro-
enterologen, zijn in het kader van dit onder-zoek gevraagd een
aantal zaken te inventariseren. Ook is uitvoerig overlegd tussen
partijen over de aard en omvang van het probleem en de mogelijke
oplossingen.
Onderzoek NVZ bij leden
De minister heeft in maart de NVZ gevraagd een aantal zaken te inventariseren in het kader van het duregeneesmiddelenonderzoek. De NVZ heeft een enquête gehouden onder haar leden en op basis daarvan aan de minister rapport uitgebracht. U vindt de brief van VWS en de NVZ- enquête op www.nvz-ziekenhuizen.nl > (inloggen) > brieven aan NVZ-leden > maart 2005.
Resultaten NVZ-enquête
- De kosten van dure geneesmiddelen stegen in de onderzochte periode 2002-2004 met gemiddeld 30% per jaar; de budgetgroei over deze periode is gemiddeld 4,7% per jaar.
- Jaarlijks komen er nieuwe middelen bij die een groot beslag op het budget leggen.
- De beleidsregel dure geneesmiddelen functioneert niet. Nieuwe
middelen komen niet of moeizaam op de lijst dure geneesmiddelen, en
de vergoeding is beperkt tot maximaal 75%. In principe volgen de
ziekenhuizen de landelijke richtlijnen bij het voor-schrijven van
dure therapieën. Om de kosten te beheersen, worden financiële
beperkingen gesteld waardoor de levering van zorg onder druk
staat.
Oplossingsvoorstel NVZ
1. Uitgangspunten:
- De minister beslist over toelating tot het verstrekkingenpakket.
- Als middelen worden toegelaten moeten de kosten volledig worden vergoed.
- Zo snel mogelijk dure geneesmiddelen onderbrengen in de DBC-systematiek.
2. Op korte termijn aanpassen van de bleidsregel dure geneesmiddelen:
- Vast vergoedingspercentage van minimaal 90;
- Afschaffen van de drempel van 0,5%.
3. Snelle en transparante beoordeling van
dure geneesmiddelen:
- Landelijk onafhankelijk instituut stelt richtlijnen op over farmacotherapie;
- Bij onvoldoende informatie voorlopige toelating van nieuwe, dure geneesmiddelen met een definitieve beoordeling op basis van uitkomstenonderzoek.
4. Extra geld voor dure geneesmiddelen in geval van ontoereikend financieel kader.
Constatering minister
De minister geeft aan dat bijna alle partijen problemen signaleren bij de verstrekking en/of bekostiging van dure geneesmiddelen. Belangrijke knelpunten blijken te zijn:
- De procedure rondom de toelating van nieuwe geneesmiddelen tot de beleidsregel vergt te veel tijd. De financiële ondergrens van 0,5 % (kostencriterium) is hier mede debet aan.
- Het variabele vergoedingspercentage leidt tot verschillen in behandeling (postcodegeneeskunst).
- Het niet beschikbaar zijn van harde cijfers over het aantal patiënten aan wie zorg zou zijn onthouden. Volgens de minister kunnen of willen partijen die dit hebben aangegeven (onder andere ziekenhuizen, patiënten en behandelaren) niet concreet maken bij welke patiënten dit gebeurt. Hij stelt vast dat behandelaars in deze gevallen hun patiënten onvoldoende informatie geven over de behandeling die eigenlijk adequaat is, maar om niet medische redenen niet wordt verstrekt. De minister wil de beroepsgroepen daarom wijzen op hun verantwoordelijkheid de patiënt op de hoogte te stellen van de behandelopties.
De minister constateert daarnaast breed draagvlak bij patiënten, behandelaren en ziekenhuizen voor een beoordeling van de doelmatigheid van nieuwe geneesmiddelen, in relatie tot de hoogte van de kosten.
Aanpassingen beleidsregel dure geneesmiddelen
Op termijn wil de minister de dure geneesmiddelen in DBC’s onderbrengen. Voor de korte termijn denkt hij de knelpunten op te lossen door de huidige beleidsregel op een aantal punten aan te passen. De wijzigingen moeten ingaan op 1 januari 2006.
Het gaat om de volgende aanpassingen:
- Middelen kunnen voorlopig worden toegelaten tot de lijst dure genees-middelen als op basis van prognose blijkt dat het kostencriterium (0,5% van de macrokosten voor intramurale geneesmiddelen) wordt gehaald.
- Het College voor zorgverzekeringen (CVZ) beoordeelt de prognose, de therapeutische waarde en de doel-matigheid van een middel.
- De grens van 0,5 % blijft.
- Variabiliteit van vergoedingspercentage wordt losgelaten. Er komt een vast vergoedingspercentage van 80.
- Kostenontwikkeling wordt nauwlettend gevolgd. Indien de realisatie van gebruik en kosten afwijkt van de verwachtingen, zal opnieuw worden overlegd.
Procedure
Indien op basis van een prognose van gebruik en prijs de drempel van 0,5 % wordt gehaald, komen nieuwe middelen in aanmerking voor tijdelijke toelating tot de lijst bij de beleidsregel. Een geneesmiddel komt hiervoor in aanmerking als de indicatie gebaseerd is op de behandelrichtlijnen van de wetenschappelijke verenigingen. Het CVZ beoordeelt de therapeutische waarde en de prognose. Aan de tijdelijke toelating wordt een eis van verder farmaco-economisch onderzoek verbonden. Dit onderzoek wordt uitgevoerd en beoordeeld het middel opnieuw binnen een vastgestelde periode. De fabrikanten, instellingen en behandelaren leveren hiervoor data aan bij het CVZ. Het geneesmiddel wordt van de lijst gehaald indien niet wordt voldaan aan de drempel of als blijkt dat het middel niet doelmatig is.
Vergoeding
Met ingang van 2006 wordt het vergoedingspercentage van de netto-inkoopkosten uniform vastgesteld op 80. De meerkosten moeten worden gedekt uit de groeiruimte van het prestatiecontract. Daar deze groeiruimte beperkt is, zal de kostenontwikkeling nauwlettend worden gevolgd. De minister kiest voor 80% omdat naar zijn mening een hoger percentage de prikkels voor doelmatige inkoop zou weghalen, hetgeen tot ondoelmatig gebruik leidt. Voorts zou het een te groot gedeelte van de groeiruimte in het convenant vastleggen en bovendien is in het reguliere budget een vergoeding voor geneesmiddelen verwerkt.
Standpunt NVZ
De veranderingen zijn een duidelijke verbetering ten opzichte van de bestaande situatie. De NVZ denkt echter niet dat de problemen hiermee geheel zijn opgelost.
Winstpunten
- De voorgenomen versnelling van de beoordelingsprocedure door het CVZ en de procedure van tijdelijke toelating op basis van kostenprognose zijn belangrijke winstpunten. De NVZ heeft hier in 2003 al op aangedrongen bij het CTG/ZAio. Hierdoor komen middelen sneller op de lijst en worden ze volgens protocol ingezet. Dit vergroot en versnelt de beschikbaarheid van deze middelen voor de patiënten.
- Gelet op de hoge kosten en het feit dat bij introductie vaak nog weinig informatie beschikbaar is, is de eis van uitkomstenonderzoek gerechtvaardigd. Wel moet volgens de NVZ ook gekeken worden naar rechtvaardigheid en ziektelast. Volgens de NVZ moet de minister namens de samenleving vaststellen waar de grenzen liggen. De NVZ is graag bereid een bijdrage te leveren aan uitkomstenonderzoek. Belangrijk is dat hierbij ook de patiëntenorganisaties, industrie en beroepsbeoefenaren nauw worden betrokken. Dit geldt overigens ook voor de therapeutische waardebepaling door het CVZ.
- Een vast vergoedingspercentage van 80 levert voordeel op voor alle ziekenhuizen. De onderhandelingen met een variabel percentage verlopen namelijk niet in alle regio’s naar tevredenheid, en alle instellingen gaan er door het nieuwe percentage op vooruit. Dit voordeel is gering voor de ziekenhuizen die nu al 75% ontvangen (naar schatting tweederde van de algemene ziekenhuizen).
Zorgpunten
- De groeiruimte die is afgesproken in het prestatiecontract
wordt niet veranderd. De NVZ is er niet gerust
op dat deze groeiruimte de komende periode (2005-2007) voldoende is om de te verwachten kostenstijging van nieuwe dure middelen en die van overige zorg op te vangen. Hierbij speelt mee dat de NVZ de kosten van nieuwe en dure middelen (Avastin, Velcade et cetera) in 2006 aanzienlijk hoger raamt dan het Ministerie van VWS (175 miljoen euro versus 100 miljoen euro). Verder houdt de NVZ rekening met hogere productiegroei dan aanvankelijk verondersteld. Daarmee is het risico aanwezig dat de dure geneesmiddelen de overige zorg verdrukken. - VWS heeft geen oplossing voor 2005, terwijl de NVZ hierom wel
heeft gevraagd. Hiermee blijft dit jaar een probleemjaar, temeer
omdat de hier-voor genoemde nieuwe middelen nu al worden
voorgeschreven en de productiegroei - op basis van ruwe cijfers
over productieafspraken -
de ruimte die is voorzien in het prestatiecontract overschrijdt. - Het vergoedingspercentage van 80
is winst, maar dit betekent nog steeds dat 20% van de kosten uit het reguliere budget moet worden gedekt. De inzet van de NVZ was daarom een hoger percentage (90). 80% kan een probleem opleveren voor met name de instellingen met een grote oncologische afdeling. Het is daarnaast mogelijk dat een enkele instelling, als gevolg van te verwachten volumegroei door versoep-eling van de regeling, er financieel op achteruitgaat.
VWS is niet aan deze bezwaren van de NVZ tegemoetgekomen. Vanwege de onzeker-heden is wel met VWS afgesproken dat de ontwikkelingen nauwlettend worden gevolgd en dat in geval van over-schrijdingen partijen zullen zoeken naar een oplossing.
__________________________________________________________________________________________
Infliximab voor indicatie Bechterew op lijst dure geneesmiddelen
Het CTG/ZAio bestuur heeft op 27 juni vastgesteld het geneesmiddel Infliximab (Remicade) voor de indicatie Bechterew met terugwerkende kracht tot 1 januari 2004 toe te voegen aan de lijst dure genees-middelen. Infliximab staat al op de lijst voor de indicaties ziekte van Crohn en reumatoïde artritis. Als gevolg van een verzoek hiertoe van de NVZ (augustus 2004) is in de CTG/ZAio-vergadering van 13 december 2004 besloten om de indicatie Bechterew op de lijst te zetten indien een positief advies van de commissie farmaceutische hulp van het CVZ beschikbaar zou zijn. Dit advies is inmiddels afgegeven en luidt positief.
Planning 2005 CFH beoordeling dure geneesmiddelen
De Commissie Farmaceutische Hulp (CFH) adviseert het CTG/ZAio over de therapeutische waarde van de geneesmiddelen die in aanmerking komen voor plaatsing op de lijst dure middelen. In feite zou dit een doelmatigheidstoets moeten zijn, maar daar is het CVZ nog niet aan toegekomen. Er zijn inmiddels therapeutische beoordelingen afgegeven van middelen die vanaf de introductie van de beleidsregel in 2002 op de lijst stonden: Irinotecan, Trastuzumab en Rituximab. Deze middelen blijven voor de bedoelde indicaties op de lijst dure geneesmiddelen. De gegevens uit de farmacotherapeutische rapporten zullen worden verwerkt in het Farmacotherapeutisch Kompas. In juli volgen nog beoordelingen van de middelen Doxorubicine, Oxaliplatine, Infliximab (artritis psoritica) en Bortezomib, en in augustus van Vinorelbine, Bevacizumab en Pemetrexed. De middelen Infliximab, Bortezomib (Velcade/ziekte van Kahler), Bevacizumab (Avastin/uitgezaaide darmkanker) en Pemetrexed (Alimta/borstvlieskanker) worden getoetst op verzoek van de NVZ. De NVZ heeft het CTG/ZAio in februari gevraagd deze middelen op de lijst dure geneesmiddelen te plaatsen.
_______________________________________________________________________________
Beleidsregel voor weesgeneesmiddelen
De minister gaat een aparte beleidsregel maken voor de bekostiging van intramurale weesgeneesmiddelen. Deze beleidsregel moet ingaan in 2006. Middelen die op de lijst worden toegelaten, worden voor 95 % nagecalculeerd. De minister wil de behandeling met deze middelen concentreren in de UMC’s. De reikwijdte van de beleidsregel wordt beperkt. Het CVZ gaat beoordelen of de toepassing beperkt is tot universitair medische centra’s (umc’s). Wordt een weesgeneesmiddel ook toegepast in algemene ziekenhuizen (bijvoorbeeld voor indicaties met relatief grote aantallen patiënten), dan komt het niet in aanmerking voor deze beleidsregel. De NVZ heeft al in juni 2004 haar standpunt over weesgeneesmiddelen meegedeeld aan de minister en de Kamer. De NVZ is voorstander van een aparte beleidsregel voor weesgeneesmiddelen en kan zich principieel niet vinden in de beleidslijn om de bekostiging te beperken tot academische centra. Met deze beperkingen worden volgens de NVZ behandelingen met weesgeneesmiddelen toegankelijk voor patiënten en gaat kennis en expertise verloren.
Volume, arbeidsvoorwaarden, mutatie prijsindex materiële kosten: Eerste ramingen 2006
Al gestart met de voorbereidingen voor de begroting van 2006? In
deze NVZ Nieuws geeft de NVZ u op basis van
de huidige kennis (eind juni 2005) een eerste, voorlopig inzicht in
de voor 2006 relevante ramingen op macro-niveau. Het gaat daarbij
om het zorgvolume, de arbeidsvoorwaarden en de mutatie prijsindex
materiële kosten. Eind september, na de presentatie op Prinsjesdag
van de overheidsplannen 2006, worden deze cijfers
geactualiseerd.
Volume (prestatiecontract)
Het in juli 2004 tussen de NVZ, het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en Zorgverzekeraars Nederland (ZN) gesloten prestatiecontract biedt inzicht in de macrovolumegroei en de daaraan gerelateerde korting die weer beschikbaar is voor de macroruimte. Ten opzichte van 2005 gaat het om de volgende cijfers (in procenten budget minus kapitaalslasten):
Extra (exogene) middelen:
2,7%
Inzet kortingsbedrag:
1,15%
Totaal
beschikbaar: 3,85%
Recentelijk is bekend geworden dat op landelijk niveau sprake is
van over-schrijdingen. De nog voorlopige cijfers over de voor 2005
gemaakte productieafspraken tussen ziekenhuizen en zorgverzekeraars
lijken (aanzienlijk) groter te zijn dan de voor 2005 beschikbare
groeiruimte van 1,55%. De komende tijd wordt benut om de cijfers
hard te maken. Als er dan nog steeds een verschil is tussen
groeiruimte en productieafspraken, zijn contractpartijen (VWS, ZN
en NVZ), uitgaand van ieders verplichtingen, verantwoordelijk voor
het realiseren van een oplossing.
De NVZ informeert u over de komende ontwikkelingen via NVZ Nieuws
en betrekt u zo nodig bij eventuele oplossingen.
Arbeidsvoorwaarden (ova en CAO)
Voor de post contractloonmutatie, onder-deel van de ova, raamt het Centraal Planbureau (CPB) voor 2006 momenteel 1%. Tegenover deze inkomstenpost staan de kosten voor de CAO die vanaf 1 januari 2006 moet worden afgesloten. Voor de incidentele loonontwikkeling en de mutatie sociale lasten/pensioenen, de twee andere posten van de ova, is het moeilijk nu al meer dan indicatieve uitspraken te doen. Over de vaststelling van de cijfers voor 2006 dienen voor beide vanaf het najaar met VWS beleidsmatige discussies te worden gevoerd. Verwachting is dat deze discussies dit jaar bijzonder gecompliceerd zijn vanwege de vele wetswijzigingen – Zorgverzekeringswet, VUT-prepensioen-levensloop (VPL), et cetera. – die alle grote effecten sorteren voor de exacte waarde van het incidenteel en de sociale lasten/pensioenen.
Een raming van de ova-vergoeding voor incidentele loonontwikkeling en sociale lasten/pensioenen en de daarmee corresponderende kosten vindt u in de hierna- volgende tabel. De definitieve ova 2006 wordt pas vastgesteld in april/mei 2006. Reeds zeker is dat per 1 januari 2006 de al eerder opgelegde korting ziekteverzuim wordt verhoogd met 0,07%.
Samenvatting raming 2006 arbeidsvoorwaarden (% loonsom)
|
|
Inkomsten
|
Uitgaven
|
Saldo
|
|
Contract-loon-mutatie/CAO
|
1%
|
PM (= CAO-kosten)
|
P.M.
|
|
Incidenteel
|
max -0,8%
|
Max
|
-0,4%
|
|
Sociale lasten
|
0,48%
|
0,48%
|
0
|
|
Pensioen
|
-0,8%
|
-0,82%
|
0,02%
|
|
Korting
|
-0,07%
|
---
|
-0,07%
|
|
Totaal
|
max –1,19%
|
max –0,74%
|
-0,45%,
|
Mutatie prijsindex materiële kosten
Op basis van de huidige ramingen van het Centraal Plan Bureau wordt voor 2006 een mutatie prijsindex materiële kosten geraamd van 0,86%. Dit cijfer is exclusief de eventuele nacalculatie over 2005 die zowel positief als negatief kan zijn. De eerstvolgende raming van de mutatie prijsindex materiële kosten wordt bekend op 20 september a.s.
Meer informatie?
In de bijlage van deze NVZ Nieuws wordt uitgebreider op details en achtergronden van de ramingen 2006 ingegaan. Deze bijlage download u via de NVZ-website: www.nvz-ziekenhuizen.nl >> NVZ Nieuws 25 >> Nadere uitwerking ramingen 2006. Alle cijfers in deze bijdrage zijn voorlopig. Zodra relevante wijzigingen bekend zijn, worden deze aan u voorgelegd. Tot en met 7 juli kunt u voor meer informatie over de eerste ramingen voor 2006 terecht bij Steven Weijenborg (zie contactgegevens hieronder). Na 7 juli kunt u met vragen over volume (prestatiecontract) terecht bij Lilianne van der Velde (030 273 92 71, l.vandervelde@nvz-ziekenhuizen.nl) en met vragen over arbeidsvoorwaarden (ova en CAO) en mutatie prijsindex materiële kosten bij Olaf Peek (030 273 96 99, o.peek@nvz-ziekenhuizen.nl
NVZ steunt campagne ‘Toegang tot zorg voor iedereen’
De NVZ wil graag uw aandacht vragen voor de campagne van de Stichting Wemos ‘Toegang tot zorg voor iedereen’.
Een optimale gezondheid is een universeel mensenrecht. Iedereen moet een beroep kunnen doen op goede, betaalbare zorg en overal ter wereld moeten voorwaarden (schoon drinkwater, goede voeding en veilige arbeidsomstandigheden) aanwezig zijn voor een gezond leven. Dat lijkt zo vanzelfsprekend, maar de realiteit is helaas anders. In veel ontwikkelingslanden is goede gezondheidszorg voor veel mensen niet beschikbaar. Daarom voert Wemos in 2004 en 2005 de campagne ‘Toegang tot zorg voor iedereen!’ en verzamelt zo veel mogelijk steunbetuigingen. Aan het eind van de ‘Week van internationale gezond-heid’, op 14 november worden de steunbetuigingen overhandigd aan minister Van Ardenne. Zij neemt namens Nederland deel aan de komende Wereldhandelsconferentie in Hong Kong. Wemos wil dat zij zich daar inzet om gezondheidsbelangen van mensen in ontwikkelingslanden te laten prevaleren boven de handelsbelangen van de rijke landen.
Steun betuigen?
Steun ook de campagne en zet een digitale handtekening op www.smssos.nl of SMS ‘SOS’ naar 4777.
Meer informatie?
Lees meer over de achtergrond van de campagne op www.smssos.nl of neem contact op via campagne@wemos.nl