Bijlage
Regeling zittend ziekenvervoer
Ingangsdatum 1 juni 2004
Letterlijke relevante tekst
Artikel 2
1. “De verzekerde heeft aanspraak op ziekenvervoer per auto, … dan wel op vergoeding voor vervoer in de laagste klasse van een openbaar middel van vervoer, voor zover de verzekerde
a. nierdialyse moet ondergaan;
b. oncologische behandeling met chemotherapie of radiotherapie moet ondergaan;
c. zich uitsluitend met een rolstoel kan verplaatsen;
d. het gezichtsvermogen van de verzekerde zodanig is beperkt, dat hij zich niet zonder begeleiding kan verplaatsen.”
Artikel 3:
- “In afwijking van artikel 2 bestaat ook aanspraak op vervoer of vergoeding voor vervoer…, indien volgens een verklaring van de behandelende arts de verzekerde in verband met de behandeling van een langdurige ziekte of aandoening langdurig is aangewezen op vervoer en het ziekenfonds daarvoor vooraf toestemming heeft gegeven.
- Het ziekenfonds kan slechts toestemming geven voor vervoer…, indien het weigeren van die toestemming voor de verzekerde zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.”
Toelichting artikel 3:
“Dit artikel bevat de hardheidsclausule. “
“Besluit het ziekenfonds de hardheidsclausule niet toe te passen, dan kan de verzekerde tegen de beslissing bezwaar en beroep instellen. Aldus zal er na verloop van tijd enige jurisprudentie ontstaan, die nadere invulling geeft aan de toepassing van de hardheidsclausule.”